+31 (0)20 2060700info@devos.nl
€ 76,- schadevergoeding na veroordeling illegale handel Bollywoodfilms

€ 76,- schadevergoeding na veroordeling illegale handel Bollywoodfilms

Het gebeurt niet vaak dat er geprocedeerd wordt over schadevergoeding bij illegale verspreiding van films. Een schadestaatprocedure is vaak duur, en kost veel tijd. Het afbreukrisico voor betrokken rechthebbenden indien de procedure faalt of tegenvalt is groot, de schade is niet gemakkelijk te begroten en rechters zijn over het algemeen erg terughoudend om grote geldbedragen toe te wijzen indien de schade niet superduidelijk te berekenen valt.

Deze conclusie kan een Nederlandse licentiehouder van Bollywoodfilms die hoopte op een fikse schadevergoeding omdat zijn films illegaal zijn verhandeld in ieder geval trekken.[1] De licentiehouder kon echter wel, zoals blijkt uit het vonnis, rekenen op sponsoring voor de procedure door de Raad voor de Rechtsbijstand, want deze zaak is op toevoeging behandeld.[2] Desondanks kan het niet anders dan dat hij verlies heeft geleden.

Dit is er gebeurd

In 2014 is gedaagde (X) veroordeeld door de Rechtbank Rotterdam[3] de verkoop van inbreukmakende Bollywood-films te staken. In deze winkel in Rotterdam werden naast snuisterijen (Hindoestaanse kunstnijverheidsartikelen) onder meer ook MC’s, CD’s en DVD’s verkocht en verhuurd.[4] Hij importeerde deze producten zelf vanuit India voor de verkoop in Nederland (parallelimport dus).

Er is destijds voor die procedure – die enkele jaren in beslag heeft genomen – een proefaankoop gedaan door de deurwaarder, die de DVD’s “Life Mein Kabhie Kabhiee” (LMKK) (scoort een 5,9 op IMDb[5]) en “Say Salaam India” (SSI) (scoort een 6,4 op IMDb[6]) heeft gekocht in de Hindoestaanse snuisterijenwinkel.

De deurwaarder heeft verklaard zich ‘op 27 maart 2008 omstreeks 16.15 uur te hebben begeven naar het adres van de gedaagde, de twee DVD’s met de titel LMKK en SSI te hebben aangekocht, heeft voorzien van een sticker met daarop zijn stempel en handtekening en tot nader order te zijner kantore opgeborgen.’ Dat is relevant, want X betwistte in 2014 dat die DVD’s in zijn winkel zouden zijn gekocht. De rechter achtte in 2014 het proces verbaal van constatering van de deurwaarder overtuigend; ‘het moet ervoor worden gehouden dat de DVD’s van de films LMKK en SSI door de deurwaarder in de winkel van X zijn aangetroffen en gekocht en dat deze exemplaren vervolgens nader zijn onderzocht.’ Uit dat onderzoek bleek dat LMKK parallelimport was, en SSI namaak was. Beiden maakten derhalve inbreuk op de rechten van de Bollywood-licentiehouder in Nederland.

Het lijkt er dan ook op dat er voldoende bewijs is om tot veroordeling van de gedaagde over te gaan; er werd door de Bollywood-licentiehouder in Nederland in 2014 met succes geëist dat X rekening en verantwoording af moest leggen door middel van het afgeven van stukken[7] aan de hand waarvan de schade begroot kon worden. De volgende informatie moest worden afgegeven:

  • het aantal van de door X verhandelde inbreukmakende DVD’s;
  • de door X gehanteerde verkoopprijs;
  • de door X daarop gemaakte winst (of marge);
  • opgave van alle afnemers van X.

Allemaal zodat de Bollywood-licentiehouder een schadevergoeding zou kunnen eisen in deze procedure.

Dat doet de Bollywoord-licentiehouder dit keer ook; hij vordert van X als schade betaling van € 24.818,-, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 1 augustus 2014 (zijnde € 6.200,-), althans het jaar van inbeslagname, de kosten van het deskundigenbericht van € 2.480,-, en veroordeling in de proceskosten.

Het schadebedrag van € 24.818,- is door de Bollywood-licentiehouder begroot aan de hand van een schaderapport dat is opgesteld door een auditorbedrijf, dat uitgaat van het mislopen van de verkoop van ongeveer 18.000 DVD’s. Dit zou € 24.818,- aan gederfde winst betekenen. Dit komt neer op € 1,39 gederfde winst per DVD.

Schadeberekening door rechtbank

Blijkbaar heeft X na het vonnis uit 2014 opgave gedaan aan de Bollywood-licentiehouder dat hij van iedere film één DVD op voorraad heeft gehad en dat deze twee DVD’s aan één persoon zijn verkocht.[8] Hier gaat de rechter niet in mee; ‘Het is niet aannemelijk dat de deurwaarder toevallig op een dag de enige twee exemplaren heeft gekocht.’[9] De rechtbank schrijft dat er niet van uit kan worden gegaan dat X slechts twee illegale DVD’s heeft verkocht. Daarom schat de rechtbank de schade zelf waarbij zoveel mogelijk wordt aangesloten bij de handelshistorie tussen partijen. Voor deze methodiek is de aanleiding dat X gedurende de twee jaar voordat de inbreuk werd vastgesteld daadwerkelijk DVD’s bij de Bollywood-licentiehouder heeft ingekocht.

De inkomstenderving van de Bollywood-licentiehouder kon niet eenvoudig worden begroot door de schadedeskundige, omdat het destijds een startende onderneming was. Daardoor zijn ‘vrijwel geen historische financiële gegevens beschikbaar die als referentie kunnen dienen’. Het auditorbedrijf heeft zich gebaseerd op een ondernemingsplan. Dat biedt de rechtbank (te) weinig zekerheid. De rechtbank haakt wel aan bij de ‘schatting’ van het auditorbedrijf en voegt daaraan toe dat het ook niet aannemelijk is dat X 18.000 in plaats van twee illegale DVD’s heeft verkocht. De gederfde winst van € 1,39 per DVD wordt € 1,00 per DVD omdat gedaagde X de genoemde winstmarge van 67% gemotiveerd betwist. Onder verwijzing naar het rapport is door X aangevoerd dat een reële winstmarge van ongeveer € 1,00 per DVD gebruikelijker is. Omdat dit door de Bollywood-licentiehouder vervolgens niet is weersproken, gaat de rechtbank uit van die winstmarge.

Al aanhakend op de handelshistorie tussen de partijen, komt het neer op de misgelopen inkoop van gemiddeld 23 exemplaren per titel.[10] Daar komt bij dat er een ‘verval’ is in de afzetcurve bij dergelijke films gedurende de looptijd van de verkoop van de films (drie jaar); normaliter wordt blijkbaar in het eerste jaar 100% van de DVD’s verkocht, in het tweede jaar 50% en in het derde jaar nog maar 15%.

Dit leidt tot een geschatte gemiste afzet (gederfde winst) van de Bollywood-licentiehouder per film van 23 (100% in jaar 1) + 12 (50% in jaar 2, afgerond naar boven) + 3 (15% in jaar 3 afgerond naar beneden) = 38 DVD’s. Het totale aantal gemiste verkopen voor beide films bedraagt dan (2x € 1,00 =) 2 x 38 = 76 DVD’s. Dit leidt tot een geschatte gederfde winst van (76 x € 1,00=) € 76,-.

 

Overige eisen van Bollywood-licentiehouder

De Bollywood-licentiehouder eiste in deze procedure ook de kosten van het schaderapport (€ 2.480,-), en de proceskosten. Die worden afgewezen resp. gecompenseerd. Enkel de wettelijke rente blijft nog over naast die € 76,-.

Wettelijke rente

Blijkbaar heeft de Bollywood-licentiehouder wettelijke rente geëist vanaf ‘vervaldatum’ 1 augustus 2014. De vervaldatum is van belang voor de duur dat je die wettelijke rente kan berekenen. Dit hoewel in de procedure uit 2014, nog 22 augustus 2011 als vervaldatum werd aangemerkt. In deze procedure is de start van de procedure uit 2014, drie jaar later dus, als vervaldatum en dus startdatum voor deze rente opgevoerd. Daar laat de Bollywood-licentiehouder dus wel wat geld (€ 35,-) liggen; de Rechtbank gaat hierin mee omdat dit in het voordeel van X is.

De uiteindelijke veroordeling inclusief rente (in totaal) á € 55,12 (tot 25 augustus 2021, de datum van de uitspraak) komt neer op € 131,12. Niet bepaald een efficiënte, kostendekkende procedure dus, zeker niet met het oog op het gedeeltelijk ter zijde geschoven schaderapport, dat al € 2.480,- heeft gekost.

Dit artikel is geschreven door Victor den Hollander, en verscheen het eerst op 1 oktober 2021 op devos.nl

[1] In de zaak die vorige week werd gepubliceerd; Rechtbank Rotterdam 25 augustus 2021, C/10/599819 / HA ZA 20-641

[2] https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBROT:2021:8977 aanhef en onder r.o. 3.1

[3] 23 juli 2014 C/10/397034 HA ZA 12-205

[4] https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBROT:2021:8977 r.o. 2.1 en 2.2

[5] https://www.imdb.com/title/tt0979913/

[6] https://www.imdb.com/title/tt1020899/

[7] ex artikel 27a Auteurswet

[8] https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBROT:2021:8977 r.o. 4.2

[9] https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBROT:2021:8977 r.o. 4.3

[10] https://uitspraken.rechtspraak.nl/inziendocument?id=ECLI:NL:RBROT:2021:8977 r.o. 4.11 onder a

Geschreven door

Victor den Hollander

Advocaat

 
Maak een afspraak

Deel dit bericht



Laatste nieuws

07-10-2021 - door

Workshop Els Doornhein: "Digitaal werken en de AVG"

Komt dat zien\! Op 27 oktober 2021 organiseert [DEN](https:/... Lees meer

01-10-2021 - door

€ 76,- schadevergoeding na veroordeling illegale handel Bollywoodfilms

Het gebeurt niet vaak dat er geprocedeerd wordt over schadev... Lees meer

Copyright/Disclaimer © 2017 by De Vos & Partners N.V., Amsterdam, Nederland. All rights reserved. Website by Omelette Du Fromage