+31 (0)20 2060700info@devos.nl
Het deponeren van een jaarrekening: onderschat uw verplichtingen niet!

Het deponeren van een jaarrekening: onderschat uw verplichtingen niet!

De meeste ondernemingen zijn op grond van de wet verplicht om jaarlijks een jaarrekening op te stellen. Voor het opstellen van een jaarrekening geldt een maximale termijn van vijf maanden na afloop van het boekjaar. Met goedkeuring van de algemene aandeelhoudersvergadering kan deze termijn met nogmaals vijf maanden worden verlengd. Nadat de jaarrekening door het bestuur is opgesteld en definitief door de aandeelhoudersvergadering is vastgesteld, rust op het bestuur de wettelijke verplichting om de jaarrekening te deponeren. Voor het deponeren van een jaarrekening geldt een termijn van maximaal twaalf maanden na afloop van het betreffende boekjaar. Indien het boekjaar van de onderneming gelijk is aan het kalenderjaar, dan dient het bestuur de jaarrekening dus uiterlijk op 31 december te deponeren.

Het vaststellen en deponeren van een jaarrekening is wellicht voor bestuurders van ondergeschikt belang, maar bestuurders zouden deze verplichting niet moeten onderschatten. Indien de vennootschap namelijk in staat van faillissement wordt verklaard en de jaarrekeningen zijn niet of niet tijdig gedeponeerd, dan loopt het bestuur een risico op aansprakelijkheid.

Wettelijk bewijsvermoeden

In geval van faillissement is iedere bestuurder jegens de boedel aansprakelijk voor het tekort in het faillissement, indien het bestuur zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld en aannemelijk is dat dit een belangrijke oorzaak is van het faillissement. Indien het bestuur de deponeringsplicht heeft geschonden, wordt de curator geholpen in zijn bewijspositie tegenover bestuurders van de failliete vennootschap. Bij schending van de deponeringsplicht staat namelijk vast dat het bestuur zijn taak onbehoorlijk heeft vervuld, en wordt vermoed dat deze onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak is van het faillissement. Dit wordt ook wel het wettelijk bewijsvermoeden genoemd, en vormt een nuttig instrument voor de curator. De bestuurders kunnen namelijk niet meer weerleggen dat er sprake is van een onbehoorlijke taakvervulling; zij kunnen enkel weerleggen dat de onbehoorlijke taakvervulling een belangrijke oorzaak is van het faillissement. Indien de bestuurders er niet in slagen om het bewijsvermoeden te weerleggen, dan leidt dit tot aansprakelijkheid van de bestuurders voor het tekort in het faillissement.

Weerleggen van het bewijsvermoeden: hoe werkt dit in de praktijk?

Zoals gezegd, kunnen de bestuurders aansprakelijkheid voorkomen, door het wettelijk bewijsvermoeden te weerleggen. Het bestuur zal aldus moeten weerleggen dat de schending van de deponeringsplicht een belangrijke oorzaak is van het faillissement. Het ligt in een dergelijk geval voor de hand om aannemelijk te maken dat andere feiten en omstandigheden het faillissement hebben veroorzaakt. Indien de bestuur erin slaagt om een andere oorzaak van het faillissement aannemelijk te maken, dan volstaat dit in beginsel als een weerlegging van het wettelijk bewijsvermoeden. De bestuurders ontsnappen alsdan aan de aansprakelijkheid jegens de boedel.  

Het voorgaande betekent dat het deponeren van een jaarrekening wel degelijk van groot belang is.

Mocht u met een dergelijke situatie worden geconfronteerd, dan kunnen de advocaten van de sectie Insolventierecht van De Vos & Partners Advocaten u daar goed mee helpen. Onze advocaten hebben veel ervaring als curator, wat hen in staat stelt om door een bril van de curator naar uw vennootschap te kijken. Zo bent u goed voorbereid op een faillissementsscenario.

Geschreven door

Wieke Verberne

Advocaat

 
Maak een afspraak

Deel dit bericht



Laatste nieuws

23-07-2021 - door

Update Huurkorting vanwege de coronacrisis

In februari van dit jaar heb ik een [artikel](https://www.de... Lees meer

Copyright/Disclaimer © 2017 by De Vos & Partners N.V., Amsterdam, Nederland. All rights reserved. Website by Omelette Du Fromage