+31 (0)20 2060700info@devos.nl
Het recht van de schuldeiser op inzage in de administratie van een gefailleerde wederpartij

Het recht van de schuldeiser op inzage in de administratie van een gefailleerde wederpartij

Schuldeisers in een faillissement hebben recht op informatie van de curator in verband met het beheer van de boedel. Zo dient de curator de schuldeisers via openbare verslagen te informeren over het verloop van het faillissement. Onder omstandigheden kan een schuldeiser echter behoefte hebben aan informatie die ziet op de vaststelling van de hoogte van zijn vordering. Bijvoorbeeld in het geval dat een curator de vordering geheel of gedeeltelijk betwist. In die situatie kan een schuldeiser er belang bij hebben om inzage te verkrijgen in de administratie van de failliete vennootschap. De Faillissementswet biedt de schuldeiser in voornoemde situatie geen oplossing omdat die informatie geen betrekking heeft op het beheer van de boedel. In zo’n geval kan een beroep op het inzagerecht van art. 3:15j aanhef en onder d BW worden gedaan. De schuldeiser dient dan wel een rechtstreeks en voldoende belang te hebben bij het inzien van de administratie. De Hoge Raad heeft zich recent over de vraag gebogen wanneer sprake is van een dergelijk rechtstreeks en voldoende belang.

In deze procedure wilde een schuldeiser van de curator inzage in de administratie van een gefailleerde vennootschap. De schuldeiser wilde inzage om zo nader te kunnen onderbouwen dat de bestuurders van de failliete vennootschap aansprakelijk konden worden gesteld voor het niet betalen van het restant van de koopsom voor verkochte machines waarvoor door partijen een overeenkomst van geldlening was gesloten. De curator weigerde aan het verzoek van de schuldeiser te voldoen omdat hij vond dat de schuldeiser hiervoor geen rechtstreeks en voldoende belang had. De Hoge Raad heeft in dit arrest de voorgelegde rechtsvraag als volgt beantwoord:

“Van een dergelijk belang is sprake indien de schuldeiser inzage in de boekhouding van de failliet verlangt teneinde zijn rechtsbetrekking met de failliet – en daarmee met de boedel – nader vast te (doen) stellen, bijvoorbeeld met betrekking tot de hoogte, aard of inhoud van zijn vordering. Indien echter inzage wordt verlangd met het oog op een mogelijk door hem in te stellen vordering tegen een derde, zoals de voormalige beleidsbepaler van de failliete vennootschap, is geen sprake van een rechtstreeks en voldoende belang als bedoeld in art. 3:15j, aanhef en onder d, BW.” De vordering van de schuldeiser werd afgewezen.

De Hoge Raad merkte verder nog op dat wanneer een schuldeiser van de failliete vennootschap informatie uit diens boekhouding wenst te verkrijgen met het oog op een mogelijkerwijs door hem in te stellen vordering tegen een derde, hij daartoe de weg kan bewandelen van een op de voet van art. 843a Rv aanhangig te maken vordering tegen de curator.

Mocht u als schuldeiser inzage wensen in de administratie van een failliete wederpartij, neem dan contact op met een van onze specialisten.

Deel dit bericht



Laatste nieuws

15-02-2019 - door

Doorstart in faillissement B.V. Hotel Operational Services

Ons kantoor is trots dat in het faillissement van B.V. Hotel... Lees meer

04-02-2019 - door

Els Doornhein bij Kassa in de tv uitzending over de klachttermijn voor consumenten

In de tv uitzending van Kassa d.d. 2 februari 2019 kwam Els ... Lees meer

Copyright/Disclaimer © 2017 by De Vos & Partners N.V., Amsterdam, Nederland. All rights reserved. Created by Supreme being 21.3