+31 (0)20 2060700info@devos.nl
Verlaging pensioengerechtigde leeftijd voor partners accountantskantoor toegestaan

Verlaging pensioengerechtigde leeftijd voor partners accountantskantoor toegestaan

Besluit van de Algemene Vergadering van een accountants- en belastingadvieskantoor tot verlaging van de uittredingsleeftijd van haar partners, door de rechter toegestaan

Bij vonnis van 24 augustus 2016 heeft de rechtbank Amsterdam geoordeeld dat het besluit van de Algemene Vergadering van een accountants- en belastingadvieskantoor tot verlaging van de uittredingsleeftijd van haar partners, naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar is.

Besluit Algemene Vergadering

In de algemene vergadering van aandeelhouders van een in Amsterdam gevestigd accountants- en belastingadvieskantoor (het kantoor) van 13 november 2014 is het besluit genomen de Algemene Bepalingen – die in de statuten van toepassing zijn verklaard op alle aandeelhouders – aan te passen. Deze aanpassing hield onder andere in een wijziging van het artikel waarin bepalingen zijn opgenomen over de uittredingsleeftijd van partners/aandeelhouders (het AvA-besluit). Het oude artikel bepaalde dat partners van het kantoor aan het einde van het jaar waarin zij 65 werden moesten uittreden. In het AvA-besluit werd deze leeftijd verlaagd naar 62 jaar. Reden voor het terugbrengen van de pensioengerechtigde leeftijd voor het kantoor was dat door de economische crisis en de daarmee vanaf 2009 ingetreden financiële terugval van de onderneming het kantoor in de accountancy-branche niet meer competitief was. Sinds 2012 is door de partners van het kantoor structureel aandacht besteed aan maatregelen teneinde de dalende winstgevendheid en het als gevolg daarvan ontstane continuïteitsgevaar te herstellen. Daarbij zijn leeftijdsopbouw en de prestaties van oudere partners ter discussie gesteld, naast te nemen maatregelen zoals afvloeiing van personeel en kostenbesparing.

Vordering

Twee partners/aandeelhouders van het kantoor – die beiden in 2016 de leeftijd van 62 jaar zouden bereiken – konden zich niet verenigen met het AvA-besluit. Eén van hen heeft daarom een buitengewone vergadering van aandeelhouders uitgeroepen, die op 17 december 2014 is gehouden. Daarbij is het voorstel van de twee partners tot het terugdraaien althans aanpassen van het AvA-besluit, afgewezen (het BAvA-besluit).

Vervolgens hebben de twee partners de rechter primair verzocht om een vernietiging van het AvA-besluit en het BAvA-besluit, dan wel vernietiging van het betreffende artikel in de Algemene Bepalingen jegens hen, dan wel een verklaring voor recht dat het gewijzigde artikel niet op hen van toepassing is en dat voor hen 65 jaar dient te worden gelezen. Subsidiair vorderden de twee partners dat voor het geval zou worden vastgehouden aan de pensioenleeftijd van 62 jaar, het kantoor zou worden veroordeeld tot betaling van een compensatie ter hoogte van een winstaandeel voor de jaren 2017, 2018 en 2019.

Beoordeling rechter

a. Vernietiging AvA- en BAvA-besluit

De rechter onderzoekt in de eerste plaats of het AvA-besluit en het BAvA-besluit in strijd zijn met artikel 2:15 lid 1 BW sub b. juncto 2:8 BW. Daartoe overweegt de rechter als volgt.

Artikel 2:15 BW bepaalt dat een besluit van een orgaan van een rechtspersoon vernietigbaar is wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid die door artikel 2:8 BW wordt geëist. Toetsingsmaatstaf is daarbij de vraag of het orgaan bij de afweging van álle bij het besluit betrokken belangen van de in artikel 2:8 BW bedoelde personen in redelijkheid en naar billijkheid tot het besluit heeft kunnen komen. De rechter verwijst in dit verband naar MvA, Kamerstukken II 1984/85, 7, p. 16 en HR 9 januari 1987, ECLI:HR:1987:AG5502). Blijkens recente rechtspraak brengt de in artikel 2:8 BW neergelegde regel dat de vennootschap en degenen die krachtens de wet en de statuten bij haar organisatie zijn betrokken, zich als zodanig jegens elkander moeten gedragen naar hetgeen door de redelijkheid en billijkheid wordt gevorderd, weliswaar onder meer mee dat de vennootschap zorgvuldigheid moet betrachten met betrekking tot de belangen van al haar aandeelhouders, maar dat dit onverlet laat dat de rechter terughoudendheid toepast bij de beoordeling of een orgaan van een rechtspersoon bij het nemen van een besluit alle in aanmerking komende belangen naar redelijkheid en billijkheid heeft afgewogen en daarbij de nodige zorgvuldigheid in acht heeft genomen (HR 12 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ9145, KLM). Het voorgaande betekent dat de norm een zodanige marge laat dat de rechter niet al te snel – zeker niet wanneer het betrokken orgaan tegenstrijdige belangen heeft moeten afwegen – tot overschrijding daarvan kan besluiten.

Voorts overweegt de rechtbank dat bij de belangenafweging in het kader van de besluitvorming van de vergadering van aandeelhouders niet alleen de rechtstreekse belangen van de aandeelhouders een rol spelen maar ook andere belangen zoals, onder meer, de financiële positie, de continuïteit en de profilering van de onderneming. De belangenafweging kan inhouden dat de belangen van de onderneming of van de aandeelhoudersgroep sterker wegen dan de belangen van individuele aandeelhouders en dat die laatste mogelijk worden geconfronteerd met en gebonden zijn aan besluiten die voor hen individueel minder gunstig uitpakken.

De rechtbank acht de door het kantoor aangevoerde belangen, zijnde de financiële terugval van de onderneming, het ontstane continuïteitsgevaar en het doel een gezonde onderneming te krijgen die binnen de accountancybranche aantrekkelijk is voor goed opgeleide werknemers en voor bestaande en nieuwe partners, zodanig zwaarwegend dat de AvA bij de afweging van alle bij de besluiten betrokken belangen, waaronder ook de daarmee strijdige belangen van de twee 62-jarige partners/aandeelhouders, in redelijkheid en naar billijkheid tot de besluiten heeft kunnen komen. De rechter overweegt in dit verband dat gelet op het feit dat vanaf 2012 met de aandeelhouders al gesprekken zijn gevoerd over onder meer de verlaging van de pensioengerechtigde leeftijd en met de oudere partners over de modaliteiten van een eerder vertrek, daarbij de nodige zorgvuldigheid in acht is genomen.

Het oordeel van de rechter luidt dan ook dat voor vernietiging van het AvA-besluit en het daarmee rechtstreeks verband houdende BAvA-besluit geen grond bestaat.

b. Verplichting terugtreding

Vervolgens resteert de vraag of het kantoor zich jegens de twee partners/aandeelhouders op het gewijzigde artikel in de Algemene Bepalingen kan beroepen en hen kan verplichten om in 2016, het jaar waarin zij 62 worden, als partners/aandeelhouder van de vennootschap terug te treden. De twee partners stellen in dit verband dat i) gelet op hun financiële achteruitgang, ii) het feit dat zij gelet op hun leeftijd niet hebben kunnen anticiperen, iii) hen geen overgangsregeling is aangeboden, iv) in strijd met fundamentele rechten is geselecteerd op leeftijd, het naar maatstaven van redelijkheid onaanvaardbaar is om hen te verplichten terug te treden.

De rechtbank overweegt in dit verband dat de twee partners/aandeelhouders in de door hen met de vennootschap gesloten aansluitingsovereenkomst zijn overeengekomen dat de Algemene Bepalingen van de vennootschap kunnen worden gewijzigd door middel van een aandeelhoudersbesluit, wat inhoudt dat zij ten tijde van de toetreding ermee akkoord zijn gegaan dat iets aan hun rechtspositie zou kunnen worden veranderd. Voorts wordt er al vanaf 2012 binnen het kantoor gesproken over een verlaging van de pensioenleeftijd, zijn er voorstellen gedaan op basis waarvan twee andere oudere partners zijn vertrokken en hebben de twee partners/aandeelhouders niet concreet aangetoond dat zij door het verlagen van de pensioengerechtigde leeftijd in serieuze financiële moeilijkheden zullen komen. Rekening houdend met deze omstandigheden, weegt de rechtbank de belangen van de twee partners/aandeelhouders af tegen de door het kantoor aangevoerde belangen.

Dit resulteert in het oordeel van de rechtbank dat de belangen van de twee partners/aandeelhouders niet zodanig zijn, dat het handhaven van het betreffende artikel in de Algemene Bepalingen jegens hen naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar zou zijn. Gelet op de door het kantoor aangevoerde omstandigheden is evenmin komen vast te staan dat slechts op leeftijd is geselecteerd met het enkele doel om de twee partners/aandeelhouders kwijt te raken, zodat ook geen sprake is van schending van de fundamentele rechten van de twee partners.

c. Betaling compensatie

De twee partners vorderden subsidiair bij wijze van compensatie – zonder daartoe een juridische grondslag aan te voeren – aanspraak op betaling als hun pensioenleeftijd niet meer 65 jaar maar 62 jaar is. De rechtbank oordeelt hierover dat gelet op de redenen waarom de overige vorderingen zijn afgewezen, voor deze vordering geen plaats is.

Conclusie

De rechtbank motiveert in deze uitspraak uitgebreid haar oordeel omtrent de belangenafweging in het kader van besluitvorming van de vergadering van aandeelhouders. Niet alleen is daarbij van belang dat de formele regels van de besluitvorming gevolgd worden, maar tevens wat de aandeelhouders in het voortraject hebben gedaan teneinde de belangen van de vennootschap te waarborgen en rekening te houden met (in casu het doen van voorstellen) diegenen die nadelen zouden kunnen ondervinden van besluitvorming die noodzakelijk is voor het voortbestaan van de vennootschap. Hieruit blijkt maar weer dat het belangrijk is niet te snel over te gaan tot het nemen van een besluit indien een voor de vennootschap noodzakelijk besluit nadelig kan zijn voor bij de vennootschap betrokken personen.

Mr. Carel Abeln van ons kantoor De Vos en Partners Advocaten heeft het accountants- en belastingadvieskantoor in deze procedure bijgestaan. Voor al uw vennootschapsrechtelijke vragen kunt u contact opnemen met ons kantoor.

Deel dit bericht



Laatste nieuws

15-02-2019 - door

Doorstart in faillissement B.V. Hotel Operational Services

Ons kantoor is trots dat in het faillissement van B.V. Hotel... Lees meer

04-02-2019 - door

Els Doornhein bij Kassa in de tv uitzending over de klachttermijn voor consumenten

In de tv uitzending van Kassa d.d. 2 februari 2019 kwam Els ... Lees meer

Copyright/Disclaimer © 2017 by De Vos & Partners N.V., Amsterdam, Nederland. All rights reserved. Created by Supreme being 21.3